Essay
augustus 2007
Geweld wordt afgekeurd en is tegelijk ook fascinerend. De meeste weldenkende mensen willen geweld vermijden en toch ontkomen we er niet aan. Geweld is in religie een belangrijk issue. Enerzijds wordt meestal geweldloosheid als het ideaal gezien, maar juist in naam van de religie wordt er veel geweld veroorzaakt. Wat is geweld en hoe moeten we geweld plaatsen in een betekenisvolle context? Dit artikel verkent de functie van geweld en stuit vervolgens op zaken als mededogen en ritueel.
Een wezen is herkenbaar aan zijn functioneren en aan zijn vorm. Dit wezen, laten we het ‘systeem’ (zie ook: holon) noemen, heeft uiteraard relaties met de omgeving. Zodra we over ‘systeem’ spreken, is het makkelijker om abstracter het wezenlijke van systemen te doorgronden. Een systeem is een georganiseerde verzameling functies. Allereerst zijn er de verzameling functies die inherent tot dat systeem behoren; daarnaast zijn er functies waarmee dat systeem in uitwisseling is met zijn omgeving. Een systeem wordt allereerst herkend aan de uitwisselingen met de omgeving. We herkennen een televisietoestel aan zijn scherm. We herkennen een mens aan zijn beeld (vorm) én zijn uitwisseling met de omgeving. Het oorspronkelijk gebruik van het begrip systeem betrof de abstracte omschrijving van biologische systemen. De computertechnologie en de natuurkunde hebben zich dit begrip ook eigen gemaakt. We spreken over bijvoorbeeld computersystemen of over gesloten systemen, beiden betreffen dan een geordende afgebakende verzameling functies.
Voor een beschouwing over geweld kunnen we een aantal voorbeelden van systemen aanwijzen waartussen geweld plaats kan vinden: een natie, een volksstam, een familie, individu, een vereniging, een kerkgemeenschap, maar ook een plant of een enkele cel. Geweld kunnen we herkennen als een uitwisseling waarbij ten minste één van de systemen ongewenst in het functioneren wordt belemmerd. Nu komen we aan een bruikbare definitie:
Geweld: het zonder instemming plotseling binnendringen of overrompelen van één systeem door een ander systeem, waarbij één of meerdere functies van het eerstgenoemde in het functioneren wordt belemmerd, vernietigd of ondergeschikt gemaakt aan het binnendringende systeem.
Een greep aan voorbeelden:
In deze lijst zijn een aantal merkwaardige voorbeelden opgenomen. Allereerst moeten we vaststellen dat geweld niet bij voorbaat afgewezen moet worden. Het is intrinsiek onderdeel van het leven zoals dat op Aarde plaatsvindt. Geweld kan niet aangewezen worden als een onwenselijk verschijnsel. Of een geweldsdaad beoordeeld moet worden als wenselijk of onwenselijk, kan alleen voortkomen uit een bepaald waardeoordeel, dat verkregen wordt uit een bepaald perspectief van beleving en bewustzijn. Vandaag de dag in de Europese cultuur, zullen we de aanvalsoorlog afwijzen. Echter het binnendringen van de geallieerde troepen op 6 juni 1944 zullen niet veel mensen afkeuren. Ook de recente aanvalsoorlog door de coalitietroepen in Irak is door veel naties gesteund. Genezing, waarbij kolonies van bacteriën worden vernietigd, is een door de zieke gewenst proces. Weinig mensen zullen moeite hebben met het doodslaan van een vlieg, sommige boeddhistische stromingen keuren elke vorm van doden af, ook het onwillekeurig doden van vliegen of andere insecten alleen al door het lopen over de grond.
Over één ding zal iedereen het eens zijn: het ervaren van geweld jezelf aangedaan door anderen, is onbetwistbaar. Het kunnen zien en begrijpen van geweld dat een ander systeem ondergaat, kost moeite. Dit heet inlevingsvermogen of empathie. Hoe herkenbaarder het systeem is, hoe makkelijker het inlevingsvermogen. Een vrouw kan makkelijker empathie hebben voor een andere vrouw en dus een verkrachting afwijzen, dan een man dat kan. Het gevoelsleven van een tropisch regenwoud is voor de meeste mensen onbestaanbaar. De Nazi’s, die de joden als vee afslachtten in een welhaast industrieel proces, bleken geen enkele empathie te hebben voor de joden; tegelijkertijd waren ze ook liefhebbende vaders en echtgenoten voor hun gezin. Hun kennisstructuur met een bepaald beeld van joden, beïnvloedde hun waarneming en vervolgens hun inlevingsvermogen. Slavernij was in de 17e en 18e eeuw een gewoon verschijnsel, negers werden eigenlijk niet als mensen gezien maar als vee. Het is bekend dat kerstening onder negerslaven niet door slavenhouders werd toegejuicht, omdat deze wezens vervolgens herkenbaarder werden als mens, waardoor medeleven en inleven mogelijk werden en de eigen geweldsdaad onder ogen moest worden gezien. In de 19e eeuw brak dit bewustzijn door en werd slavernij afgeschaft.
Daarom moeten we ook neutraal en onbevooroordeeld het voorbeeld van het tropisch regenwoud opnemen, of het voorbeeld van een tsunami of cycloon, of genezing en ziektes. Dat we deze niet direct als daden van geweld beschouwen (hoewel we wel spreken over ‘natuurgeweld’), kan ook te wijten zijn aan ons nog gebrekkig bewustzijn daarover. In veel niet westerse culturen wordt wel een wezen waargenomen in natuurkrachten, vulkanen en ecologieën. Westerse mensen denken over het algemeen dat dit antropomorfiseringen zijn, zíj denken dat we een beperkt bewustzijn hebben. Wie zal er gelijk hebben?
Onderwerpen die hieraan linken: bewustzijn, moraal.
We moeten vaststellen dat geweld een natuurlijk en ook gewenst verschijnsel is. Zonder geweld geen verandering en groei. Waar komt dan het spirituele ideaal van geweldloosheid vandaan ? De psychologie zou hier geen moeite mee hebben. De angst voor geweld (jou aangedaan) doet de mens makkelijk verlangen naar een geïdealiseerd toekomstbeeld van vrede en veiligheid, dus te projecteren op het komende koninkrijk van God, waar de leeuw en het lam in vrede samen liggen. Maar leeuw en schaap zullen verhongeren. De wereld houdt dan op te bestaan.
Hoe kunnen we dan denken over geweld? Het onderling functioneren van systemen kan wellicht meer inzicht verschaffen.
Systemen vormen onderdelen van andere systemen.
Een cel is een afzonderlijk herkenbaar systeem, dat een onderdeel vormt van een groter systeem, bijvoorbeeld een orgaan,
dat met andere organen een groter systeem zoals een dier of mens vormt. Veel dieren en planten bij elkaar vormen een ecologisch systeem.
Een aantal mensen dat via de bloedband met elkaar verbonden is, vormt het systeem van een clan of familie.
In een groter verband kun je van een natie spreken, of etnische groep, of cultuur.
Dergelijke grote systemen, bestaande uit meerdere individuen, hebben eigen wezenskenmerken, eigen belangen en specifieke relaties met dergelijke andere systemen. Volken en naties beconcurreren elkaar om economische bronnen, om verblijfsgebied, om invloed etc. Dit reikt verder en is een grotere macht dan die van het individu. Als individu kun je worden meegenomen in de handelingen van de natie of etnische groep waartoe je behoort, ook als je die niet moreel juist vindt. Je zou kunnen zeggen, dat dergelijke grote systemen van vele individuen één wezen vormen met een eigen (het individu overstijgend) belang. Sommige culturen zijn collectivistisch. Een aanval op één persoon is identiek aan een aanval op het geheel. De moderne westerse cultuur is meer een individualistische cultuur. De individuen zitten losser in het collectieve systeem, maar maken altijd onderdeel uit van die cultuur.
Wat ik denk en doe is wat de cultuur denkt en doet. Ik ben niet uniek, ik besta dankzij al het andere.
Mijn wil wordt gedeeltelijk gevormd door een grotere wil en dat ‘gedeeltelijk’ is waarschijnlijk meer dan we zouden willen erkennen.
Socialisatie is de inlijving in een groter systeem.
Geweld is een vorm van uitwisseling tussen systemen. De bewustwording dat geweld iets onwenselijks is, begint met het inleven in de ander en deze zien als een systeem met veel overeenkomsten en identieke belangen als jezelf. Nog een stap verder zou je kunnen zien dat de ander een andere vorm van expressie is van de schepping en streeft naar zijn eigen unieke heil. En hier is waar mededogen zijn intrede doet. Mededogen en geweldloosheid vragen om het overstijgen van het bewustzijn over het eigen systeem om het bewustzijn te verkrijgen van het overkoepelende systeem. In dit bewustzijn kunnen de belangen en motieven van een groter geheel worden gezien en gewaardeerd.
Uitwisseling is essentieel tussen systemen, maar als dit zonder geweld plaats vindt, is ritueel het aangewezen mechanisme om uitwisseling tot stand te brengen Ritueel creëert de mogelijkheid in te stemmen. Geweld, ritueel en resonantie zie ik op dit moment als de drie uitwisselingsmogelijkheden tussen systemen.
Geweld en ritueel zijn uitvoerende processen. Kennis, kunde en ervaring zijn noodzakelijk voor een goede uitvoering. De uitvoering dient echter uiteraard gestuurd en gemotiveerd te worden. Twee andere invloeden kunnen aangewezen worden: het al eerder genoemde mededogen, waarbij het heil van de ander gezien en gewenst wordt en “het bekende overstijgend, de intentie die het heil van het geheel nastreeft”. Dit alles vloeit voort uit het idee van systemen die deel uitmaken van grotere systemen, alles met een heilswens en ter vervolmaking van de schepping. Het vooringenomen uitgangspunt dat het belang van het grotere geheel boven dat van een lokaal of individueel gaat, levert de consequentie op dat geweld misschien wel toegestaan moet worden in sommige gevallen voor het heil van het grotere geheel. Grote wijsheid is onontbeerlijk en dat oordeelsvermogen is voor weinigen weggelegd. Al te vaak wordt een oorlog voor een groter belang goedgepraat, waarbij achteraf eigen belang toch een overheersende rol heeft gespeeld. Maar wijsheid kan alleen getoetst worden door de wijze.
Gebruik makend van de template van Leo Armin, de beschrijving van 16 bewustzijnsniveaus, kunnen mededogen, geweld/ritueel en wijsheid geplaatst worden in respectievelijk niveau 8: Smaragd, niveau 9: Saffier en niveau 10: Aquamarijn.
De kwaliteiten die behoren bij Smaragd zijn nodig om de ander (het andere gesloten systeem) te kunnen herkennen, erkennen en bovenal ook waarderen om wat de ander is en vertegenwoordigt. Vanuit deze waardering, volgt dan ook de noodzaak oplettend en behoedzaam contact te zoeken. Bij nog niet bestaande rituelen, is er een openheid nodig, voortkomend uit oprechte belangstelling, om de protocollen te ontdekken.
Het is de kwaliteit van Saffier om als een chirurg de noodzakelijke stappen te ondernemen om uitwisseling tot stand te brengen naar het gewenste resultaat.
De kwaliteit van Aquamarijn is de motivatie het heil na te streven voor allen en ook het inzicht hoe dat heil er uit ziet.
© J.H. van Splunter 2009. Overnemen is toegestaan; bronvermelding wordt op prijs gesteld.