Esoterisch

het Kwaad

augustus 2007

Allereerst, het uitgangspunt op deze site is dat “het Kwaad” als entiteit, als kwaadwillende essentie, niet bestaat. Toch kunnen er wel vormen van kwaad worden aangewezen. Er zijn vijf vormen van "kwaad" te onderscheiden, die ook overlappingen kennen. Deze corresponderen met de kwaliteiten van het pentagram.

De vijf te onderscheiden vormen van het Kwaad zijn:

  1. Het Kwaad als misplaatste kracht
  2. Het Kwaad als de concurrent
  3. Weerstand
  4. Ontheiliging
  5. Onwetendheid

Aanverwant onderwerp is: Moraal

Het Kwaad als misplaatste kracht

Het Kwaad kan zich voordoen als een misplaatste of ondoordacht aangesproken kracht. De mens, verbonden met de natuur en ook de ongeziene wereld daarvan, heeft weet van krachten en entiteiten waar je beter niet mee om kan gaan. Ook zij hebben een functie in het grotere geheel. Als je omgaat met vuur, kun je je verbranden. Het vuur is niet het Kwaad. Je bent onvoorzichtig geweest. In streken waar magie en omgang met het ongeziene gewoon is, is het mogelijk dat iemand zich inlaat met een geest (djinn) voor het verkrijgen van bepaalde talenten die economisch kunnen worden benut; volgens Ibrahim Karim [I.K.] pakt dit altijd slecht uit voor de ziel van deze persoon, omdat de polariteit(?) van de djinn anders is. De ziel kan onherstelbaar worden beschadigd. De djinn is niet kwaadaardig, hoewel daar wel zo tegenaan wordt gekeken, maar heeft slechts een beschadigende uitwerking als een mens een djinn tot zichzelf toelaat (zie: Bezetenheid).

Atoomkracht en plastics zijn technologieën van de zon; in een aardse ecologie zijn zij eigenlijk misplaatst. Bij het introduceren van hogere inzichten, kennis en vermogens op Aarde moet ook zelfregulatie op een hoger niveau mee geïntroduceerd worden. Deze zelfregulatie heet moraal.

Het Kwaad als de concurrent

Het Kwaad, in de Christelijke en Islamitische wereld verpersoonlijkt als de duivel, kreeg vorm onder Zarathoestra (7e eeuw v.C.), die de wereld voorstelde als een strijd tussen goede krachten (Mazda Ahoera) en kwade krachten (Angra Mainjoe). De mens is niet slechts toeschouwer, maar vooral voertuig van krachten. Dit wereldbeeld is terug te vinden in de culturen die hun oorsprong hebben in het Midden Oosten (ook de westerse cultuur). Het epos van de schrijver Tolkien, "In de ban van de ring", grijpt weer terug naar dit wereldbeeld. In de gelijknamige film werden de strijders van het boze oog o.a. gekleed als middeleeuwse moslim-strijders. Onbewust werd teruggegrepen naar een oude vijand van de christenwereld; een zeer suggestief beeld in het licht van de huidige spanningen met de wereld van de islam. De andere concurrerende cultuur wordt als het Kwaad ervaren.

groene man Het beeld van de duivel als een bok, al dan niet met een groene huid, is het beeld van de vóórchristelijke vruchtbaarheidsgod, die door het christendom als concurrerend en dus als het kwaad werd bestempeld. Noties over kwaad en goed zijn dus zeer cultuurafhankelijk en verschuiven naarmate een cultuur zich ontwikkelt. Stelen of iemand om het leven brengen is niet verkeerd in een natuurlijk regelsysteem, noch in sommige sociale regelsystemen. De oude bedoeïenenstammen of de vikingen van weleer gingen uit stelen; het was een vorm van werken en noodzakelijk om te overleven. In een ander sociaal regelsysteem wordt dit juist afgekeurd.

Vóór de val van de Berlijnse muur was het in Nederland gewoon voor aannemers om prijsafspraken te maken en de aanneemsom op te waarderen met een bedrag dat onder de inschrijvende aannemers verdeeld werd als rekenvergoeding. Dit gebruik is ontstaan om werk te verdelen en een stabiel werkklimaat te scheppen. Het was een prijzenswaardig geaccepteerde manier van werken met wortels in de oude gildesystemen. Na de val van de Berlijnse muur, die de suprematie van het Angelsaksische kapitalisme markeert, is competitie het toverwoord voor succes en zijn prijsafspraken duivels. De NMA (Nederlandese Mededingings Autoriteit) is de moderne inquisitie die de ketterse gewoonten van het verleden moet uitroeien.

Kwaad in culturele zin is een afspraak. De duivel waart rond in de gedaante van het andere of oude regelsysteem aan de grenzen van het eigen sociale regelsysteem.

Weerstand

De aard van de natuur is zodanig dat elke beweging een tegenbeweging oproept. Elke actie roept een evengrote reactie op. Dit mechanisme is ook actief in het ongeziene. Elk idee roept zijn weerstand op, elk ideaal zijn anti-ideaal, elke essence zijn anti-essence. Zo zouden ook de hierbovengenoemde goden Mazda Ahoera (het goede) en Angra Mainjoe (het kwade) begrepen moeten worden. De tegenbeweging kan makkelijk als het Kwaad gezien worden. Deze probeert toch een goede bedoeling te weerstaan? Maar het één kan niet zonder het ander. De wijze weet dat George Bush, Osama Bin Laden nodig heeft en omgekeerd. De communisten bestaan dankzij de kapitalisten. De wijze laat zich niet verstrikken in het één of het ander. Het geheim om beide krachten te overwinnen is gelegen in het uitstijgen boven beiden door het gelijk worden aan beiden. Weerstand is nodig om vooruit te komen. Goed en Kwaad staan slechts ten dienste van een derde hoger doel. Dit idee is verbeeld in Tarot kaart 2: De Priesteres.

Ontheiliging

Heil en heilig hebben betrekking op het heel en integer zijn van een bepaalde zaak. Het bewust en met intentie zaken ontheiligen door hypocrisie kan misschien wel aangewezen worden als echt kwaadaardig. In het dagelijks verkeer zijn veel beleefdheden en maatschappelijke noodzakelijkheden bronnen van hypocrisie, zoals auto rijden terwijl je eigenlijk weet hiermee ongewenst het milieu te verontreinigen. Iets onvermijdelijk doen is één ding, maar hypocrisie bedrijven willens en wetens, terwijl het te vermijden is, brengt groot onheil over ten eerste en vooral de pleger zelf. De samenhang en integriteit van de wezensdelen komen in gevaar. De omgeziene wereld, zowel de eigen wezensdelen als ieder andere deva, kan niet goed overweg met tegenstrijdige signalen. Het algemene functioneren wordt gefrustreerd en het welzijn neemt af. Ontheiliging heeft daarom de potentie echt kwaadaardig te worden, maar achterliggende motieven moeten mee overwogen worden.

Onwetendheid

Onwetendheid lijkt onverdacht, toch wordt deze door de Boeddha en door Jezus (S.J.) aangewezen als de bron van het kwaad. Het is makkelijk in te zien dat onwetendheid aan de oorsprong ligt van de voorgaande vier aspecten van het kwaad. Door bewustzijn kunnen de andere vier vormen van het Kwaad overwonnen of voorkomen worden. Onwetendheid is niet te voorkomen, het is de uitgangspositie van de ontwakende mens in een groeiend bewustzijn. Een daad uitgevoerd uit onwetendheid is in principe vergeefbaar en wordt door velen en (naar ons weten) ook vanuit de ongeziene wereld geaccepteerd. Dezelfde daad nogmaals uit te voeren en dan als wetende dreigt te gaan vallen onder het aspect "ontheiliging".

Ten slotte

Het kwaad kan dus in het algemeen aangewezen worden als een kracht, een vector van beïnvloeding. Op het moment van bewustwording ontstaat er keus. Op het moment van keus ontstaat er moraal: wat is goed en wat is slecht. Moraal is niet eenduidig en eenvoudig voor diegeen die zich wil ontwikkelen. Zie hiervoor Morele oordeelsvorming.

© J.H. van Splunter 2009. Overnemen is toegestaan; bronvermelding wordt op prijs gesteld.