Levensfasen I
Dit artikel behandelt de levensfasen in zeven stappen, "Levensfasen II" behandelt het leven in drie stappen. Beide benaderingen zijn niet tegenstrijdig, het blijven modellen volgens natuurlijke principes die een complex proces inzichtelijk kunnen maken.
< foto: Vier generaties bij elkaar; ieder in een andere fase van hun leven.
Elk proces wordt gekenmerkt door zeven fasen, vooropgesteld -en dat is belangrijk- dat een proces bepaald wordt door een bestemming in de toekomst.
Een mensenleven is een spirituele verschijning die met een reden en een doel is ingedaald in het aardse domein. We kunnen dus een levensloop belichten vanuit het spectrum. (7 stappen).
De 7 stappen zijn fasen in ontwikkeling. In uiterlijke vorm misschien
niet zo opvallend als de bekende rups en de vlinder, maar in innerlijke
vorm wellicht net zo dramatisch. De eerste grote verandering die plaats
vindt en ook begeleid wordt met flinke fysieke veranderingen, is de
puberteit. Ook later vinden er veranderingen plaats, die op sommige
momenten in een stroomversnelling lijken te komen.
Nieuwe fasen worden gekenmerkt door het vrijkomen van nieuwe
energieën, die andere belangstellingen opleveren en verdieping mogelijk
maken. Uiteraard wordt wat er daadwerkelijk wordt opgepakt, bepaald door
de voorliggende ervaring en verworven positie.
De levensfasen
- 0-12 jaar: het verzamelen
- 12-21 jaar: het nestelen
- 21-32 jaar: het ontdekken
- 32-42 jaar: het ontplooien
- 42-52 jaar: het bloeien
- 52-64 jaar: de rijping
- vanaf circa 64 jaar: de integratie
| 0-12
jaar |
Het verzamelen. Dit is een periode van het
verzamelen van indrukkken, een begrippenschat, ervaringen en allerlei
invloeden. De programmering van het menselijk systeem vindt in deze
periode plaats. Het begint al met de geboorte, waarin de nieuwe mens
vanuit een isolatie blootgesteld wordt aan het astrale licht, en de
astrologische invloeden van dat moment. Taal en cultuur,
de tijdgeest,
de familie, de vrienden en natuurlijk de school brengen een potentieel
aan gedachtenpatronen in, die die mens voor een groot deel gaan bepalen.
Deze periode tot aan de puberteit is essentieel in de vorming van het
mentale lichaam van een
mens. Hierin doet het de ingrediënten op waarmee het later aan de gang
gaat. De puberteit is een belangrijk moment. Behalve de lichamelijke
veranderingen komt er een einde aan de permissie om onbewust
programmeringen op te nemen. Het potentieel is vanaf nu aanwezig en
wordt gebruikt en verder ontwikkeld. |
| 12-21 jaar |
Het nestelen. Hiermee wordt in het algemeen
bedoeld de nesteling in een milieu. In deze fase wordt gewerkt aan de
identiteit. Na de puberteit wordt de jonge mens in toenemende
mate zelfbewust en zoekt acceptatie in een bepaalde kring. Kleding,
taalgebruik, accessoires, muziek, interesses, geloofsovertuiging omkleden
bepaalde groeperingen en bepalen de mate van acceptatie en status
binnen zulke groeperingen. Relaties met anderen worden afgetast,
grenzen opgezocht en getest. |
| 21-32 jaar |
Het ontdekken. Centraal staat het ontdekken
van de mogelijkheden met de verkregen identiteit en alles wat daarbij hoort.
Voor de carrière kan dit een periode zijn van vele tijdelijke baantjes
en studies. In de relatiesfeer wordt van alles uitgeprobeerd. Er wordt
gereisd, er wordt wellicht gezocht naar nieuwe ideeën, maar zij
worden altijd gemeten en geaccepteerd aan de hand van de al aanwezige
programma's. De wereld staat nog open en alles lijkt nog mogelijk. |
| 32-42 jaar |
Het ontplooien. Vanuit de vergaarde
levenservaring tot dan toe wordt een richting ingeslagen. De wereld
wordt duidelijk kleiner. In de carrière tekent zich een duidelijke
loopbaan af. De persoon in kwestie verbindt zich met een bepaalde weg.
Verdieping van de ingeslagen weg laat zich zien en wordt aantrekkelijk.
Niet alles hoeft meer geprobeerd te worden. Tegen de 40 jaar breekt een
kritische periode aan. Uranus staat nu in de horoscoop in oppositie, dus tegenover
de positie bij de geboorte (de omlooptijd
van Uranus is 84 jaar). Dit aspect trekt eerdere uitgangspunten in twijfel of
roept nog niet geactiveerde potenties wakker. In het geheel van de
spirituele loopbaan is dit een balanspunt. De drijfveren van de
persoonlijke ambities beginnen af te nemen ten gunste van de roeping
van de toekomst. Deze processen spelen zich af in wat men de
'mid-life' crisis noemt. De ontwikkeling van een eigen mind (geest(mind))
laat zich vanaf 32 jaar zien. |
| 42-52 jaar |
Het bloeien. Een sleutelwoord in deze fase is eer. In deze fase wordt gezocht naar de ontwikkeling
en verdieping van de weg die men heeft gekozen. Inzet voor een zaak en
betrouwbaarheid ten opzichte van de eigen gemaakte keuzen zijn
belangrijke items. Onder invloed van de mid-life crisis kan alsnog een
radicale wending worden genomen in het pad dat men bewandelt. Voor
een ander is het iets wat uit de lucht komt vallen, maar voor de persoon in
kwestie is het een sluimerend potentieel geweest, waar nu wel gehoor
aan gegeven móet worden in het licht van de te besteden energie voor de
komende resterende levensfase. |
| 50-60 jaar |
De rijping. De roeping laat zich zien. De
levensfasen tot dan toe zijn een voorbereiding geweest voor iets, wat
zich hier laat zien. Belangrijk is niet te kijken naar maatschappelijke
relevantie; wat de cultuur belangrijk vindt hoeven de "Goden" nog niet
belangrijk te vinden. |
| 60-verder |
De integratie. In deze fase krijgt men de kans de
eigen samenstelling verder op te schonen. Het is belangrijk de zaken
die nog niet lekker zitten op te ruimen of helder te krijgen en aan
kennelijk belangrijke onvervulde ambities alsnog wat te doen, al was
het maar homeopatisch. Het is een periode van groeiende onthechting en
uitkristallisatie van de eigen samenstelling. |